|
Start
transitiepoli voor kinderen
Per
1 januari 2011 is de Sint Maartenskliniek gestart met een
transitiepoli voor kinderen van 12 tot 18 jaar. Monique Schel,
verpleegkundig reumaconsulent aan de Sint Maartenskliniek, aan het
woord over Joris en zijn reuma.
Joris
is 5 jaar als hij opeens met een dikke knie thuis komt,
na het spelen op het pleintje voor zijn huis. Zijn moeder
vraagt of hij gevallen is, maar Joris zegt dat dit
niet gebeurd is. Als na een paar dagen de knie nog
steeds erg rood, dik en pijnlijk is en Joris bovendien zijn
been niet meer belast, is voor zijn moeder de maat
vol en maakt zij een afspraak bij de huisarts.
De
huisarts kijkt naar de knie en stelt een artritis vast.
Hij schrijft Joris wat pijnstilling met een ontstekingsremmer voor
en na een aantal dagen zouden de
klachten moeten verdwijnen. En warempel: na 3 dagen
loopt en springt Joris weer als nooit tevoren. Gelukkig,
denkt zijn moeder, probleem opgelost. Maar
als na een maand de enkel van Joris ineens opnieuw dik,
rood en pijnlijk wordt, lijkt het probleem er weer
te zijn. De huisarts twijfelt niet langer en stuurt Joris
door naar de kinderreumatoloog. En het vermoeden wordt
bevestigd: Joris heeft een Juveniele Idiopatische Artritis.
Oftewel: hij heeft een reumatische ontstekingsziekte
die op kinderleeftijd is ontstaan.
Joris
komt in de molen die ziekenhuis heet en jaren van
medicijnen, bloedprikken en ziekenhuisbezoekjes volgen. Inmiddels is Joris 12 jaar en is
zijn reuma redelijk onder
controle. Sinds afgelopen september gaat hij naar
de middelbare school, 10 km van zijn huis. Het
enige waaruit blijkt dat hij een beperking heeft ten opzichte
van zijn leeftijdgenoten, is het feit dat hij op een
elektrische fiets naar school fietst. Dat stelt hem in
staat om op school ook nog goed te kunnen functioneren. De
gymles kan hij bijvoorbeeld gewoon meedoen, waarbij
hij zijn eigen grenzen mag aangeven. Joris
is helaas niet medicijnvrij. Daarom komt hij nog steeds
2 keer per jaar bij de kinderreumatoloog.
Bij
het laatste consult dat hij gehad heeft, vertelt diezelfde kinderreumatoloog
aan Joris dat hij de volgende keer
naar de transitiepoli zal gaan. Hij
zal niet meer in het Radboudziekenhuis verwacht worden,
maar in de Sint Maartenskliniek, want daar start
in januari een transitiespreekuur voor kinderen van
12 tot 18 jaar. De bedoeling van dit spreekuur is dat
kinderen geleidelijk aan worden klaar gestoomd voor
de volwassen zorg. Wanneer een kind iets mankeert, zijn
het veelal de ouders die het woord voor hen
voeren tijdens een doktersbezoek. Op
de transitiepoli leren kinderen stukje bij beetje zelf het
woord te gaan voeren en zelfstandig te worden. Zelf
tegen de dokter vertellen hoe het met je gaat, zelf zorg
dragen dat je een herhalingsrecept van je medicijnen krijgt,
zelf een nieuwe afspraak maken. Dus in het
kort: zelf je regie krijgen en houden over je leven. Voor
dat hele proces is 6 jaar uitgetrokken. Via
een individueel transitieplan (ITP) worden kinderen geholpen
naar deze zelfstandigheid.
Het
is een heel mooi project, waar elders in het land al
zeer goede resultaten mee zijn behaald. De
kinderreumatoloog verhuist met het kind mee. Dit
geldt ook voor de kinderverpleegkundige die ze al jaren
kennen vanuit het andere ziekenhuis. Alleen de plaats
verandert waar de kinderen op controle gaan en
de werkwijze is vanaf dat moment volledig gericht op
het verkrijgen van die zelfstandigheid. Als
de kinderen 16 jaar zijn, gaat de kinderverpleegkundige de
verpleegkundige zorg overdragen aan de verpleegkundig
reumaconsulent. Die zal de verdere begeleiding
op zich gaan nemen en het kind ook in de volwassen-zorg
blijven begeleiden als daar behoefte aan
is. Vanaf het 18e jaar neemt de volwassenenreumatoloog definitief
de plaats in van de kinderreumatoloog. En
dat is het moment waarop de transitie is
volbracht.
Even
terug naar Joris:
We
kunnen we constateren dat hij nog een lange weg te
gaan heeft, maar via deze methode zal hij daar uitgebreid
bij geholpen worden, zodat hij opgroeit als een
zelfstandig individu. Weliswaar
met een reumatische aandoening, maar hij zal
zich daardoor niet beperkt behoeven te voelen.
Leven
met Bechterew
Reumaconsulente
Joke Alberts-Pijnenborg, VRC bij de Radboud, vertelt over de
confrontatie van een patiënt met de ziekte van Bechterew en het
vinden van een plek daarvoor in zijn leven.
Het
is zo’n twee jaar geleden, dat ik mijnheer van de Hart
voor het eerst in mijn spreekkamer zie. Hij heeft onlangs
te horen gekregen dat hij de ziekte van Bechterew heeft.
Het eerste jaar zie ik hem iedere drie maanden,
gecombineerd met een afspraak bij de reumatoloog.
Deze gesprekken staan in het teken van
informatie geven over de ziekte en de medicatie, het
bespreken van de praktische problemen, het belang
van bewegen, etc. Hij heeft behoefte aan duidelijke informatie.
Hij neemt iedere keer een schrift mee,
waarin hij zijn vragen heeft opgeschreven en hij houdt
een dagboek bij met zijn klachten.
Wij
praten over zijn drukke baan, waar hij met plezier en
overtuiging werkt, maar die hem ook veel stress oplevert.
Hij is groepsleider bij verstandelijk gehandicapten, die
tevens gedragsstoornissen hebben. Bij
de invulling van zijn werk, maar ook het verwerken van
zijn ziekte, put hij veel steun uit zijn geloof. Eigenlijk
gaat het dat eerste jaar heel redelijk met zijn ziekte.
Goede en minder goede perioden wisselen elkaar af.
Hij weet ook langzamerhand iets beter met zijn
ziekte om te gaan. Dan krijgt hij
last van andere lichamelijke klachten. Pijn
op de borst en hartkloppingen, mogelijk veroorzaakt door
stress op het werk. Er wordt geen duidelijke oorzaak
van de hartklachten gevonden en ze verdwijnen
op een gegeven moment. Daarna
volgt er een langere periode, waarin het toch niet
echt goed gaat het met de ziekte van Bechterew. De
gewrichtsklachten aan rug, bekken, polsen en handen
blijven bij vlagen aanwezig. De
gesprekken verlopen op zich goed. Het bespreken van
zijn klachten en problemen lucht hem op en geeft hem
weer vertrouwen om verder te gaan. Wél komen we
samen tot de conclusie dat het toch een langere weg
is dan we aanvankelijk gedacht hadden. Op zijn werk
is de heer van de Hart ook duidelijk zoekende. Hij
is naar een andere afdeling overgeplaatst omdat zijn
werk echt te zwaar werd. Op de nieuwe afdeling is
hij echter niet geheel op zijn plek. De gewrichtsklachten worden
heviger en bij het bezoek aan de reumatoloog
blijkt bovendien dat zijn klachten toch heviger
zijn dan hij voorheen deed voorkomen.
Zijn
arts legt de vinger op de zere plek en zegt dat meneer,
als hij op deze manier doorgaat, straks nog maar
weinig zal kunnen. Hij moet meer rekening houden met
zijn lichaam en zijn leven daarop inrichten. Anders
gaat het straks helemaal de verkeerde kant op.
Hij schrikt hier behoorlijk van. Eigenlijk weet hij wel
dat het anders moet, maar weet ook niet goed hoe.
Hij heeft geleerd om altijd maar flink te zijn en door
te gaan en dat gaf hem veel zelfvertrouwen. Dat is
hem vroeger altijd gelukt, maar dat kan hij nu door zijn
ziekte niet meer volhouden. De arts stelt begeleiding van
een psycholoog voor en dit ook eens met de
reumaconsulent te bespreken. Als ik meneer daarvoor opbel,
verontschuldigt hij zich bijna, omdat het nu
tijdens het gesprek met de reumatoloog ter sprake is
gekomen en niet in eerderde gesprekken met mij. Ik
maak hem duidelijk dat het veel belangrijker is dat het
probleem nu boven tafel is en dat er iets mee gedaan wordt.
Hij vindt het enerzijds wel een hele stap dat
hij begeleiding nodig heeft, maar is anderzijds ook
opgelucht dat er iets gaat gebeuren. Daarnaast schrijft
de arts nieuwe medicatie voor en meneer zal gaan
starten met Enbrel. Kort daarna wordt hij opgeroepen door
de psycholoog uit ons team.
Onlangs
was hij weer bij mij op het spreekuur. De gesprekken
bij de psycholoog zijn heel verhelderend geweest
voor hem. Hij heeft met name geleerd om zijn
klachten aan zijn omgeving echt kenbaar te maken en
ook om wat rustiger aan te doen. Op zijn werk zit
hij inmiddels op een andere werkplek, waar hij met plezier
werkt. Hij heeft een periode halve dagen gewerkt en
is zijn uren nu weer aan het opbouwen. Dit
verloopt naar tevredenheid. Thuis neemt hij regelmatig rust
en verdeelt zijn andere activiteiten veel beter. Hij
vertelt met enige trots wat hij heeft geleerd. Hij
beseft dat hij op de goede weg is, maar er ook nog
niet helemaal is. Hij weet waar zijn valkuilen liggen. Ik
heb beloofd deze mee in de gaten te houden en
hem er, indien nodig, zeker op aan te spreken. Het
lijkt er op dat hij er nu écht in gaat slagen zijn ziekte
een plek te geven in zijn leven. Ik heb er alle vertrouwen
in dat het hem dat gaat lukken.
Reuma
en zwangerschap
Henny Doesburg, verpleegkundig reumaconsulent in de
Sint Maartenskliniek, vertelt over reuma en zwangerschap en de voorbereiding
daarop.
Een
jonge vrouw werd door een van onze reumatologen doorverwezen naar de
reumaconsulent in verband met haar zwangerschap. Mevrouw heeft sinds
haar twaalfde jaar JIA (zie noot) en heeft door de ziekte al
verschillende gewrichtsvervangende operaties moeten ondergaan.
Daarnaast zijn er beperkingen in haar hand- en schouderfunctie. Ze
is nu 3 maanden zwanger van haar eerste kindje en zou heel graag
willen dat er iemand met haar meedenkt over de mogelijke obstakels
die zouden kunnen ontstaan na de geboorte van het kindje en alvast
samen met haar kijkt naar de mogelijke oplossingen hiervoor. Ze is
hartstikke blij met haar zwangerschap, maar vindt het daarnaast ook
vreselijk spannend en dit geeft haar behoorlijk wat stress. Haar
partner daarentegen is juist heel ontspannen en wil eigenlijk de
problemen pas aanpakken wanneer deze zich voordoen.
In
ons eerste gesprek zijn we begonnen over de verwachtingen die
mevrouw en haar partner hebben rondom bevalling en de zorg daarna
voor een baby. Ze hebben al wat ervaringen op kunnen doen met
neefjes en nichtjes en ook vrienden van het stel zijn net ouders
geworden, waardoor ze een redelijk beeld hebben wat de zorg voor een
kindje inhoudt. Daarnaast hebben ze een goed beeld van alle
noodzakelijke gebruiksvoorwerpen zoals bedje, commode, badje etc…
Alleen worden deze andere ouders niet beperkt door reuma, waardoor
het allemaal misschien net iets makkelijker gaat. Daarom vond ik het
belangrijk om met mevrouw en haar partner te praten over een goede
voorbereiding.
Er
was namelijk een groot verschil tussen de wens van mevrouw om van
tevoren alles goed te inventariseren en haar partner die dat niet zo
belangrijk vond. Al pratende kwamen we erachter dat de ontspannen
houding van de partner zorgde voor nog meer stress bij mevrouw.
Hierdoor was ze bang dat alles op het laatste moment geregeld zou
gaan worden. Zij wilde juist de optimale situatie creëren, zodat
zij zo min mogelijk beperkt zou worden door haar reuma en zo veel
mogelijk zou kunnen genieten van haar prille moederschap. Zij en
haar partner zijn naar huis gegaan om hier samen over te praten;
daarnaast heb ik ze het advies gegeven om langs verschillende
babyspeciaalzaken te gaan om alvast ideeën op te doen.
Na
een maand zag ik mevrouw en haar partner opnieuw. Ze waren bij
verschillende zaken geweest en hadden veel informatie gekregen over
de verschillende meubeltjes en welke aanpassingen er mogelijk zijn.
In het tweede gesprek hebben wij gekeken naar de mogelijke
aanpassingen en wat mevrouw en partner zelf kunnen doen. Daarbij heb
ik hen ook doorverwezen naar de stichting Intermobiel:
opvoedaanpassingen voor ouders met een lichamelijke handicap. Zij
hebben een site met tips voor handige doe-het-zelvers, aangezien het
aanschaffen van specialistische hulpmiddelen vaak erg prijzig kan
zijn.
Als
laatste heb ik de reumatoloog gevraagd om mevrouw te verwijzen naar
de ergotherapeut, die zich ook in dit geval richt op de praktische
gevolgen van de reuma bij het uitvoeren van dagelijkse activiteiten.
Ook bij het krijgen van hulpmiddelen en voorzieningen wordt hulp en
advies verleend) Samen met de ergotherapeut zal mevrouw thuis
bekijken wat voor haar nu de beste oplossingen zijn. Op deze manier
was ik er van overtuigd dat mevrouw zo goed mogelijk voorbereid zou
zijn op de spannende en leuke tijd die gaat komen. Ze gaf aan zich
door alle zorg gesteund te voelen en ging ontspannen en met veel
meer vertrouwen de rest van haar zwangerschap tegemoet.
Noot
van de redactie:
Juveniele
idiopathische artritis, kortweg JIA. Dit is een gewrichtsontsteking
(artritis) die niet het gevolg is van iets anders (idiopathisch) bij
jongeren (juveniele). Jeugdreuma komt bij een op de duizend kinderen
voor. In Nederland zijn dat tussen de twee en drieduizend kinderen
die aan jeugdreuma lijden.
Voorstellen
reumaconsulent Sint Radboud
April
2011, een bijdrage van Diana van Tuijl, verpleegkundig
reumaconsulent in het UMC Sint Radboud, die zich aan u voorstelt.
"Sinds
1 oktober 2010 ben ik werkzaam als verpleegkundig reumaconsulent
binnen de afdeling Reumatologie van het UMCN. Daarvoor heb ik 22 jaar
als verpleegkundige gewerkt binnen ons ziekenhuis op verschillende
verpleegafdelingen, te weten: Oncologie/Endocrinologie, Algemeen
Interne Geneeskunde, Verloskunde en Reumatologie.
Tijdens
mijn inwerkperiode als reumaconsulent, mocht ik een patiënt
begeleiden tijdens zijn afspraken met verschillende hulpverleners in
ons ziekenhuis. Het was enorm leerzaam om als begeleider van een
patiënt een dag in ons ziekenhuis mee te maken.
Voor
mijzelf, maar ook om zijn ervaringen te kunnen delen met mijn collegae
met als doel onze zorg voor U allen te verbeteren.
Wat
we onder andere tegen kwamen en wat U vast wel herkent:
1.
moeite om de auto te kunnen parkeren.
De
bestuurders van ons ziekenhuis hebben aandacht voor de
parkeerproblematiek en hopen binnen afzienbare tijd met een oplossing
te komen.
2.
onbekendheid met het grote ziekenhuis en de weg vinden, grote
loopafstand.
Op
de polikliniek zit bij de ingang een gastvrouw die U de weg kan wijzen
naar Uw volgende afspraak en vervoer kan regelen binnenshuis.
3.
röntgenonderzoek moeten ondergaan in een nare houding.
Geef
gerust bij een röntgenonderzoek aan, dat U last heeft van pijn of
stijfheid. Mogelijk kan de foto worden gemaakt in een minder
belastende houding.
4.
koffie apparaat ver weg, lang moeten wachten bij de apotheek.
Inmiddels
staat er ook een koffiezetapparaat in onze verfraaide polikliniek en
aan de apotheek is gemeld de doorloop te bespoedigen.
Via
deze weg wil ik U uitnodigen om dingen die U opvallen bij Uw bezoek
aan onze polikliniek, te melden aan de behandelaars, zodat wij onze
zorgverlening kunnen blijven verbeteren. Daarnaast kunt U een
opmerking noteren en in de brievenbus van de klankbordgroep doen. Deze
brievenbus hangt bij post geel.
Twee
maal per jaar komt de klankbordgroep, bestaande uit een aantal
patiënten met een reumatische aandoening, professor van Riel en
ondergetekende, bijeen om ideeën uit te wisselen".
Graag
tot ziens in het UMC St. Radboud.
Vriendelijke
groet van Diana van Tuijl.
Reumaconsulent
Sint Maartenskliniek stelt zich voor
Ingrid Geerdink
stelt zich aan u voor. Zij is sinds
februari dit jaar als reumaconsulent het team van de Sint
Maartenskliniek komen versterken.
De
afgelopen tien jaar heb ik met veel plezier in het Ambulant
Reumacentrum gewerkt, waar patiënten komen voor een individuele
dagbehandeling, een groepsbehandeling of een infuustherapie. Sinds
februari dit jaar ben ik het team van reumaconsulenten gaan versterken
op de polikliniek van de Sint Maartenskliniek.
Nadat
ik 18 jaar geleden de HBOV heb afgerond, ben ik eerst een paar jaar
gaan werken in de maatschappelijke hulpverlening. Toen ik een baan in
de Sint Maartenskliniek vond heb ik een aanvullende opleiding gevolgd
tot gespecialiseerd reumaverpleegkundige. Toen het team van
reumaconsulenten ging uitbreiden en aanvulling zocht, vond ik het leuk
om mijn ervaring in te kunnen zetten en weer nieuwe aspecten van het
werk uit te diepen. Ik vind het iedere keer weer boeiend om samen met
mensen te kijken hoe vorm te geven aan het leven ondanks, of met de
chronische aandoening. Zowel wat betreft werk- of thuissituatie, alles
wat er aan praktische, concrete ondersteuning mogelijk is alsook op
gebied van wet- en regelgeving; welke wegen te bewandelen; hoe om te
gaan met een veranderde situatie, maar ook samen te kijken hoe met
pijn en moeheid om te gaan en een andere balans te vinden.
Een
dag in de week werk ik in Boxmeer in het net geopende nieuwe
ziekenhuis, waar de Maartenskliniek een dependance-reumapolikliniek
heeft. En deze afwisseling vind ik erg leuk. Binnen de Maartenskliniek
en binnen de reumazorg zijn er enorm veel nieuwe ontwikkelingen en het
blijft boeiend om deze te volgen en hierbinnen te werken. Ook wat
medicatie en behandelmethoden betreft is er veel beweging waardoor er
in voorlichting en begeleiding ook steeds weer nieuwe mogelijkheden
zijn. Wie weet tref ik u een keer op het spreekuur.
Reumaconsulent
in het Sint Radboud stelt zich
voor
Inge Verhagen,
stelt
zich aan u als
"nieuwe" reumaconsulente in het Sint Radboudziekenhuis, waar
zij vanaf april werkzaam is.
Beste
mensen,
Sinds
1 april van dit jaar ben ik aan het werk als reumaconsulent in het UMC
St Radboud. Ik stel me graag aan u voor, dan kunt u zich een klein
beetje een beeld vormen van wie ik ben. Ik
woon samen met mijn man in Den Bosch, waar we 10 -hoog op een
appartement wonen, met prachtig uitzicht over Den Bosch. Ik pak elke
dag de trein naar mijn werk, krantje erbij en een kop koffie, ideaal
vervoer (zolang de blaadjes niet vallen en het niet sneeuwt..)
In
2001 ben ik afgestudeerd aan de HBO-V in Breda, daarna ben ik in het
Jeroen Bosch ziekenhuis gaan werken op de afdeling interne, waar ook
een aantal reumatologie bedden waren. Hier ligt mijn eerste
kennismaking met patiënten met reuma. Na 4 jaar ben ik overgestapt
naar de thuiszorg, waar ik als seniorverpleegkundige intra- en
extramuraal heb gewerkt. Gedurende deze jaren ben ik me gaan
specialiseren in wondzorg en palliatieve zorg. De kennis en ervaring
die ik hierin heb opgedaan kan ik nog regelmatig inzetten tijdens mijn
werk als reumaconsulent, dat is mooi meegenomen. Toen ik 19 was heb ik
het ‘reisvirus’ opgelopen, ik heb toen een half jaar gewerkt in
een plattelandskliniek in Pakistan. Ik vond het heel bijzonder om me
in een andere cultuur onder te dompelen en te ervaren hoe mensen daar
omgaan met ziekte en gezondheid. En om te zien met hoe weinig middelen
ze het in zo’n land moeten redden..
We
moesten elke dag de gebruikte handschoenen uitwassen, ze op de waslijn
te drogen hangen en de naalden uitkoken zodat we ze voor de volgende
patiënt weer konden gebruiken.
Het
reisvirus kwam weer boven water vorig jaar en dat leidde ertoe dat
mijn man en ik ruim een jaar naar Vietnam en Nepal zijn vertrokken om
daar te werken. In Vietnam hebben we gedurende 6 maanden, samen met
professor Stoter uit de Daniel de Hoed kliniek en een Vietnamees team,
een kliniek palliatieve zorg (zorg in de laatste levensfase) en zorg
voor kankerpatiënten helpen opzetten.
Over
dit avontuur zou ik minstens 500 pagina’s kunnen schrijven, maar
daar ging de redactie niet mee akkoord….Mocht u hier toch meer over
willen horen, dan weet u me te vinden!
Hoe
ben ik dan uiteindelijk uitgekomen bij de functie van reumaconsulent..
Ik miste in de wondzorg het psychosociale aspect, het was vooral
technisch handelen. Ik wilde me wel erg graag weer gaan specialiseren,
ergens helemaal induiken en dat bracht me weer terug bij de
reumatische aandoeningen.
Reuma
kan je leven flink op z’n kop zetten, het geeft me veel voldoening
om de patiënt en zijn naasten te begeleiden in het omgaan met de
aandoening.
Niet
alleen door informatie over de ziekte of over medicatie te geven maar
ook samen met de patiënt te zoeken naar oplossingen, te kijken naar
hoe het nog wel kan of hoe het anders kan. Iedere patiënt die
tegenover me zit is weer anders, dat maakt het zo boeiend en
uitdagend.
Daarnaast
vind ik het belangrijk om de nieuwe ontwikkelingen in het vak te
volgen, zoals nieuwe medicijnen, want gelukkig zijn die er volop!
Wie
weet tot ziens op de poli.
Met
vriendelijke groet,
Inge
Verhagen, reumaconsulente
Osteoporose groepsconsult
Monique
Schel vertelt over het osteoporose groepsconsult in de Sint
Maartenskliniek waar men o.a. kan leren van elkaars ervaringen.
Mevr.
K. is een mevrouw van 72 jaar. Ze is altijd druk met van alles en nog
wat. Nooit doet iemand tevergeefs een beroep op haar. Op weg naar een
buurvrouw een paar deuren verderop, struikelt ze over een ongelijke
stoeptegel en valt. In het ziekenhuis blijkt dat mevr. haar pols
gebroken heeft.
Het
is niet de eerste keer dat mevr. zoiets overkomt. Zo’n jaar geleden
stapte ze op een verkeerde manier van de fiets, kwam ongelukkig ten
val en brak haar andere pols. Omdat mevr. in relatief korte tijd twee
keer iets heeft gebroken, besluit de arts een DEXA-meting aan te
vragen. Dit is een onderzoek waarbij d.m.v. röntgenstralen de
botdichtheid kan worden gemeten. Naast het onderzoek moet mevr. enkele
vragen beantwoorden om haar dagelijkse calciuminname inzichtelijk te
maken. Mevr. K. laat het gelaten over zich heen komen. Het onderzoek
is niet pijnlijk en ja, ze durft best te bekennen dat het eten er
nogal eens bij inschiet in haar drukke bestaan. Ze is niet voor niets
zo mager. Bovendien griezelt ze van alle melkproducten, dus de
calciuminname is zeer laag. De doktersassistente legt uit hoe en
wanneer mevr. de uitslag zal krijgen en maakt voor haar een afspraak
op het osteoporose groepsconsult. Een folder wordt meegegeven, zodat
mevr. thuis het nog eens rustig kan nalezen.
En
dan is het zover dat mevr. K. op het groepsconsult verschijnt. Ze
wordt ontvangen door de nurse practitioner en de verpleegkundig
reumaconsulent, die deze bijeenkomst verzorgen. De groepsvoorlichting
bij o.a. osteoporose is binnen de St.Maartenskliniek een nieuwe manier
van behandelen, omdat uit onderzoek is gebleken dat mensen met
eenzelfde diagnose leren van elkaars ervaring en beter de informatie
tot zich nemen. Mevr. K. is erg benieuwd naar de uitslag en om haar te
steunen is haar buurvrouw meegekomen.
Op
het groepsconsult komen meerdere mensen bij elkaar die allemaal een
DEXA-meting gehad hebben. Tijdens dit consult, waarbij het grootste
gedeelte bestaat uit een gezamenlijke voorlichting, krijgen de mensen
te horen wat osteoporose inhoudt. Wat zijn de oorzaken, waaruit
bestaat de behandeling en wat kun je er zelf aan doen. Voeding, en dan
met name calcium en vitamine D, spelen hierbij een grote rol. Ook
bewegen, het liefst in de buitenlucht, is heel goed om de botkwaliteit
te verbeteren. Dat is voor mevr. K. in ieder geval geen probleem, maar
doordat ze nu al twee keer iets heeft gebroken, is ze ook wel wat
angstig geworden om weer te vallen.
Aan
het einde van de groepsvoorlichting krijgt mevr. K. van de reumatoloog
te horen hoe de behandeling er uit gaat zien. Voor mevr. K. betekent
het dat ze 1x per week medicijnen moet nemen om de botontkalking te
behandelen. En omdat mevr. K. te weinig calcium binnen krijgt via de
voeding, wordt dit in tabletvorm aangevuld. Extra vitamine D is
sowieso aan te bevelen voor alle vrouwen boven de 50 jaar en ook hier
krijgt mevr. een advies voor. Anderhalf uur later is ze weer op weg
naar huis. Ze is erg tevreden over wat ze vandaag gehoord heeft. Ook
haar buurvrouw, die niet bekend is met osteoporose, heeft een hoop
geleerd over preventie en is van plan om de leefregels die gegeven
zijn, ook zelf na te streven.
Vier
weken na het groepsconsult krijgt mevr. K. een telefonische afspraak
met de nurse practitioner om te bespreken hoe het met de medicatie
inname gaat. Wanneer zij de medicijnen goed kan verdragen, zal ze deze
gedurende een aantal jaren moeten innemen. De toekomst zal uitwijzen
hoe het verder gaat met mevr. K. De behandeling is er in ieder geval
op gericht dat er geen nieuwe botbreuken ontstaan. En mevr. K. gaat
wat meer rust nemen, zodat haar haastige bestaan haar niet nog meer
ellende geeft.
Ervaringen
met de Digitale polikliniek en het E-consult in het UMCN
Carine
Vogel over de ervaringen met de
Digitale Polikliniek en het
E-consult in het Sint
Radboudziekenhuis.
Een
hele nieuwe mogelijkheid van vragen stellen aan de reumatoloog of aan
de reumaverpleegkundige is het E-consult. Dit is nu, sinds het open
stellen van de Digitale Polikliniek mogelijk. Natuurlijk is het wel
nodig dat u zich dan eerst aanmeldt bij de Digitale Polikliniek, maar
daarna kunt u uw vragen stellen. Het zijn natuurlijk geen vragen die
acute zorg behoeven, dus het is niet bedoeld om te vertellen dat u
heftige pijn heeft en wat u er mee aan moet, dan is het nog altijd de
bedoeling dat u rechtstreeks met de afdeling Reumatische Ziekten belt.
Maar er zijn heel veel situaties voor te stellen die minder acuut zijn
en waarbij het antwoord even op zich kan laten wachten. Het gaat als
volgt: U meldt zich aan bij de Digitale Polikliniek en logt in via uw
DigiD code en het behandelteam zal u binnen 48 uur antwoord geven
(tijdens kantoordagen) Er zijn al enkele patiënten die dit gedaan
hebben, natuurlijk wil ik hun ervaringen met u delen.
Een
mevrouw die ongeveer anderhalf uur rijden van het ziekenhuis af woont,
vond het ontzettend prettig om op afstand te kunnen communiceren. Ze
gaf aan toch al erg veel achter de laptop te zitten en dus kon ze nu
gemakkelijk haar vraag over de medicatie online stellen. Via de
telefoon vond ze dit lastig, ze moest dan eerst aangeven bij het
secretariaat dat ze een telefonisch consult nodig had en op welk
nummer ze te bereiken was. Verder gaf ze aan dat ze het ook erg
onprettig vond om te moeten wachten totdat de dokter haar zou bellen,
“Ik moet echt naast de telefoon zitten en daar heb ik geen zin en
geen tijd voor”. Ze was verbaasd dat ze heel snel een antwoord kreeg
(zelfs binnen een half uur….!) en dus kon ze weer verder met de haar
voorgeschreven medicatie.
Iemand
anders vertelde dat hij het fijn vond om zijn eigen bloeduitslagen te
bekijken en er niet om te hoeven vragen tijdens het consult van de
reumatoloog, omdat daar de tijd toch al beperkt is en hij dus graag
andere onderwerpen aan de orde wilde laten komen.
Weer iemand anders vond het prettig om een brief die geschreven was
door de reumatoloog aan de huisarts mee te kunnen nemen naar zijn Arbo-arts.
Na het inloggen kon hij zelf de brief opzoeken en uitprinten. Zo kon
hij aangeven dat er vooruitgang was m.b.t. de behandeling van zijn RA,
dit werd ook ondersteund door het schrijven van de reumatoloog.
Natuurlijk is er ook een kritische kanttekening geplaatst door een
patiënt. Deze man is slechtziend en heeft daardoor meer tijd nodig om
in te loggen. Omdat dit via de DigiD code gaat en de inlogtijd uit
veiligheidsoverwegingen niet erg lang is, lukt dit hem niet. Deze
patiënt kan dus alleen maar inloggen wanneer zijn vrouw thuis is,
omdat hij hulp nodig heeft bij het inloggen.
Het
is voor sommige mensen ook wennen waar je welke vraag kunt stellen.
Bij ons in het ziekenhuis wordt er bijvoorbeeld veel wetenschappelijk
onderzoek gedaan en daar worden ook veel vragen over gesteld. De
Digitale Polikliniek is daar niet de meest aangewezen plek voor, zeker
niet als mensen heel specifiek over bepaalde vragenlijsten vragen
willen stellen. Dit kan dus nog steeds beter telefonisch bij de mensen
van dat betreffende onderzoek.
De
Digitale Polikliniek is net geopend en we zullen samen met de
patiënten en onze gebruikers bekijken hoe het gaat en waar nodig
verbeteringen aanbrengen, maar wij denken dat de ervaringen tot nu toe
hoopvol voor de toekomst zijn.
Reumaconsulent
stelt zich voor
Sinds
kort is Rienke Korver werkzaam als reumaconsulent
in het UNC Sint
Radboud en zij stelt zich
aan u voor.
Het
afgelopen anderhalf jaar heeft het team van reumaconsulenten van het
UMC Sint Radboud enige veranderingen ondergaan. Nieuwe gezichten
hebben de plaats ingenomen van de vertrouwde gezichten. Daarnaast is
het team uitgebreid met een vijfde reumaconsulent. Voor u weer een
nieuw gezicht op de polikliniek. Om dat nieuwe er een beetje af te
halen zal ik u iets over mijzelf vertellen.
Mij
naam is Rienke Korver en samen met mijn man en twee puberende zoons
woon ik sinds 16 jaar in Groesbeek. Geboren en getogen in de
Achterhoek wilde ik over de grenzen van mijn vertrouwde omgeving heen
kijken. Ik besloot naar het midden van het land te gaan om de
opleiding tot verpleegkundige te volgen. Zo begon in 1977 in Hilversum
mijn verpleegkundige carrière. Na mijn diplomering stroomde ik al
snel door naar de leiding van een chirurgische verpleegafdeling.
Algauw kwam ik er achter dat verpleegtechnische handelingen een
grotere aantrekkingskracht op mij hadden, evenals een grotere medische
omgeving. Dit maakte dat ik me ben gaan specialiseren in de Intensive
Care in het Academisch Ziekenhuis in Utrecht. Utrecht had mij meer te
bieden dan opleiding en werk. Ik leerde daar mijn huidige echtgenoot
kennen en in 1986 ben ik hem gevolgd richting Nijmegen. Na wat
omzwervingen vanuit uitzendbureaus vond ik toch de intensive care van
een Academisch Ziekenhuis het meest aantrekkelijk: “the top of….”
Mijn avontuurlijke inslag en de reislust van mijn man maakten dat we
na 5 jaar werken en studeren de kriebels kregen om weer verder dan
onze eigen wereld te kijken. We ruilden huis en haard in voor onze
rugzakken en trokken de wijde wereld in. Het werd 14 maanden Azië.
Daar hebben we avontuurlijk en grensverleggend rondgereisd van plaats
naar plaats, van land naar land en van miljoenenstad naar vergeten
stranden en ondoordringbare jungle. U begrijpt dat ik daar veel over
kan vertellen, maar dan zou ik aan één maandbrief niet genoeg
hebben.
Terug
in Nederland was de economische situatie veranderd en zat Nederland
net als nu in een recessie, zij het minder diep. Er was weinig werk,
ook via uitzendbureaus en dus ook sporadisch op de Intensive Care van
het UMC St. Radboud. Echter, bij die keren dat ik daar kwam, was het
onthaal zo warm en welkom dat het voor mij duidelijk was dat ik daar
een vaste baan wilde hebben. Helaas, ook hier was een vacaturestop.
Wel kon ik werken op de afdeling Hartcatheterisatie. Tweeënhalf jaar
zag ik dagelijks kransslagaders dicht- en opengaan, gaatjes in het
hart en hartkleppen gerepareerd worden, harten fibrilleren en weer
herstellen. Tussen al die wonderlijke staaltjes van techniek zag ik
altijd weer de patiënt met zijn behoefte aan uitleg, informatie en
een geruststellend woord. Hoewel ik het daar erg naar mijn zin had,
bleef de Intensive Care trekken. Toen de Hartchirurgische Intensive
Care na uitbreiding van bedden weer personeel aantrok heb ik toch de
switch gemaakt. Tien jaar ben ik daar, waar naast volwassenen ook
kinderen verpleegd werden, als leidinggevende werkzaam geweest. In die
tijd is er veel veranderd voor mij. Ik was moeder geworden en thuis
waren we genoodzaakt een meer gesetteld leven te leiden. Ook op het
werk veranderde er veel, waardoor ik besloot terug “aan het bed”
te gaan. Bedside merkte toen pas hoezeer dat ik het contact met de
patiënt gemist had in die tien jaar. Ook merkte ik dat ikzelf tien
jaar ouder geworden was en een andere visie op verplegen ontwikkeld
had. Ik hoor u inmiddels denken: “Hoe komt ze nu in vredesnaam van
zo’n technische afdeling bij de reumatologie terecht?” Ik moet
toegeven dat deze overstap niet zo voor de hand ligt. Toch zijn er
meer raakvlakken tussen beide vakgebieden dan men in eerste instantie
denkt. Stelt u een Intensive Care voor en denk daarna alle technische
aspecten weg. Wat overblijft is de patiënt. Juist …en die is
belangrijk!!!! Al die technische snufjes zijn interessant, maar na
zoveel jaar ervaring is de heroïek niet meer de drive voor het werk.
Dat is namelijk de patiënt, de mens. Ieder mens is anders en reageert
anders op gebeurtenissen, staat anders in het leven. Een IC opname
heeft een grote impact op iemands leven en van diens naasten, zeker
als het een langdurige opname is (geweest) De angst, het onbekende, de
onzekerheid, het beschadigde vertrouwen in eigen lichaam, de
revalidatie, de mogelijke restverschijnselen, de gevolgen, de…..….?
Heb ik het nu over een IC-patiënt of over een patiënt met een
reumatische aandoening? Ziet u, er zijn veel overeenkomsten. Een
nadeel op de IC vond ik dat mijn zorg ophield zo gauw de patiënt
overgeplaatst werd naar een vervolgafdeling. Ik kon de ingezette
begeleiding geen gevolg geven en zag niet hoe het de patiënt maanden
of jaren later verging. De jaren schrijden voort, zo ook mijn
leeftijd. Hoewel ik geen reuma heb voelde ik dat ik het werk op de IC
lichamelijk niet eindeloos zou kunnen volhouden. Ergens in mijn
achterhoofd wist ik dat ik iets anders zou moeten doen. De rest laat
zich raden………
Van
mijn avontuurlijke overstap naar de reumatologie heb ik nog geen dag
spijt gehad. Het is heerlijk om dagelijks datgene te kunnen doen wat
juist het leukste deel was van mijn werk: de psychosociale
begeleiding. Uiteraard ook om te blijven leren en om wederom grenzen
te verleggen. De kennismaking met, tot voor kort, mij onbekende
patiëntengroep is mij uitstekend bevallen. Ik heb grote bewondering
voor deze groep. Ik zie zoveel kracht en doorzettingsvermogen om een
balans te vinden in het leven, ondanks de pijn en/of vermoeidheid. Het
geeft veel voldoening daar een positieve bijdrage aan te kunnen
leveren. Samen met u kijk ik vol verwachting naar de toekomst: wat
heeft de reumatologie ons nog allemaal te bieden heeft. Een
fantastisch vak: REUMACONSULENT!
|
*** |
Naar
boven? Dubbelklik op een willekeurige plaats van de pagina |
*** |
|